Maak een kompas voor je leven

Er zijn verschillende manieren om je leven te leiden. Je kunt het nemen zoals het komt of je kunt alles proberen te plannen. Zoals met zo veel dingen ligt de waarheid ergens in het midden. Belangrijk is dat je tevreden bent met je leven, maar hoe doe je dat?

In mijn praktijk als loopbaancoach en met de kennis van filosofische levenskunst heb ik indertijd, als onderdeel van het loopbaanonderzoek, een module gemaakt en gebruikt om mensen te helpen bij het maken van een levenskompas. Het leverde niet alleen zelfkennis op maar vaak werd ook duidelijk waarom hij/zij in het heden of verleden was vastgelopen in werk of privé. Voordat ik aan het levenskompas begon startte ik met een brainstormsessie over het levensdoel van betrokkene. Dat deed ik vaak met een wandeling in de natuur en met gerichte vraagstelling. Daarna stuurde ik een vragen- en keuzelijst op die de betrokkene thuis moest uitwerken en die we in een gesprek nader onderzochten. Ik vroeg naar het waarom van de keuze, probeerde met kritische vragen verdieping aan te brengen en keek of er ‘conflicterende’ waarden of deugden waren. De uiteindelijke keuze/uitslag werkte ik uit op een ‘A4’tje’ en gaf de opdracht om ermee in de praktijk te ‘experimenteren’. Ik had er veel succes mee en kreeg reacties als: “ik kan meteen praktisch aan de slag”, “nu snap ik meer over mijzelf en mijn verleden”.

Een levenskompas is een momentopname van een aantal belangrijke persoonlijke filosofische criteria/uitgangspunten voor het leven en geeft richting voor de toekomst. Het kompas in niet statisch want zowel de wereld als jijzelf staan niet stil. Daarom moet je, als een vorm van zelfzorg, constant de vinger aan de pols houden en regelmatig checken of je nog op het juiste spoor zit.

De onderdelen van het levenskompas heb ik onderzocht in de literatuur en in de praktijk getest. Daarbij bleek het moeilijk om onderscheidt te maken op de onderdelen waarde en deugd. Je ziet in publicaties dan ook dat wat de een als deugd omschrijft de andere een waarde noemt. Paul van Tongeren analyseert normen, waarden en deugden in zijn boek ‘Deugdelijk leven, een inleiding in de deugdethiek’. Normen definieert hij als negatief, als verboden, een ondergrens waarbinnen je moet blijven. Waarden daarentegen zijn positief, subjectief en trekken aan tot motiveren. Ze formuleren een maximum, een optimum. Hij ziet deugd als verbinding tussen deze twee uitersten. Zijn meest elementaire omschrijving van een deugd is: ‘de kwaliteit die nodig is om een bepaalde praktijk op excellente manier te oefenen’.

Kort door de bocht is norm een regel, waarde een streven en deugd een houding. Je hebt in feite alle drie nodig om te handelen waarbij voor mij deugd de basis is want het geeft een houding of karakter aan die je kunt oefenen om zo optimaal mogelijk te leven. Vanuit dat karakter kun je iets in gang zetten wat je van waarde acht in het leven. Voor mij hoort norm niet in een levenskompas want ze beperkt. Natuurlijk geven normen wel de maatschappelijke grens aan waarbinnen je je kunt manifesteren.

Ik heb een indeling gemaakt op deze definities. De genoemde deugden zijn door mij ook allemaal voorzien van een ‘teveel’ en een te ‘weinig’, zoals ook Aristoteles bedoelde in zijn ‘Ethica Nicomachea’. Deze lijst staat niet in deze blog.

Hier de uitwerking van de onderdelen.

1. Levenshouding/deugd

Deugd is een duurzame gerichtheid op het goede en vormt de basis voor een gelukkig leven. Deugden kun je ook omschrijven als goede karaktereigenschappen die je kunt oefenen. Meestal gaat het om een handelswijze die niet in uiterste vervalt, die het juiste midden houdt tussen een teveel en een te weinig.

Maar is deugd wel een modern, gangbaar begrip in deze tijd? Als je het ontdoet van het dogmatisch (christelijk) karakter uit de vorige eeuw wel. Je zou het zelfs in deze tijd van ‘losheid’ en ontreddering modern kunnen noemen en wellicht een richting kunnen bieden voor onze zoektocht in dit leven. In moderne termen is een deugd een houdingsaspect (karaktereigenschap, set van gewoontes, levensstijl) die in je leven belangrijk zijn. De deugd dient de optimale zelfverwerkelijking.

Door Aristoteles zijn ‘kardinale’ deugden geformuleerd die voor iedereen van toepassing zijn en die de basis vormen voor het werken aan een goed en gelukkig leven. Voor karaktervorming moet je, met andere woorden, bedreven zijn in deze deugden. De kardinale deugden zijn:

Matigheid (zelfbeheersing), Moedigheid (sterkte), Rechtvaardigheid (rechtschapenheid), Verstandigheid (voorzichtigheid, wijsheid).

Als christelijke deugden worden genoemd: geloof, hoop en liefde. Geloof en hoop zijn voor mij echter geen deugden, ze geven een afhankelijkheid aan van iets wat je niet zeker weet.

Stoïcijnse deugden zijn:

Bedaardheid, geduldigheid, matigheid, onbaatzuchtigheid, onverstoorbaarheid, traagheid.

Deugden (kunnen) zijn:

Assertief – Ambitieus – Bedaardheid/zelfbeheersing – Behoedzaamheid – Beleefdheid – Bescheidenheid – Betrouwbaarheid – Dienstbaarheid – Echtheid – Geduldigheid – Grootmoedigheid – Hoffelijkheid – Integriteit – Ingetogenheid – Loyaliteit – Matigheid – Mededogen – Moedigheid -Naastenliefde – Ontvankelijkheid – Onbaatzuchtigheid – Onverstoorbaarheid -Oprechtheid – Rechtvaardigheid – Respect -Traagheid – Trotsheid/fierheid – Uitmuntendheid – Vastberadenheid – Veerkracht – Verantwoordelijkheid – Verdraagzaamheid – Verstandigheid 

Maak uit bovenstaande lijst een keuze van maximaal 10 deugden die in jouw leven op dit moment belangrijk zijn. Maak ook een lijst van 5 deugden waar je graag beter in zou willen zijn of waar je meer aandacht aan zou willen besteden. Ook kun je bepalen in hoeverre je die 10 belangrijke in de praktijk ‘overdrijft’. Voorbeelden zijn: teveel assertiviteit is agressiviteit, teveel trotsheid is arrogantie, teveel matigheid is bekrompenheid. In deugden zitten dus valkuilen doordat we overdrijven.

2. Waarden

Waarden kunnen sturend zijn bij het nemen van beslissingen, het vaststellen van doelen en het ondernemen van acties. Ze zeggen iets over (latente) behoeftes en drijfveren. Zodra sommige wensen zijn vervuld en behoeftes zijn veranderd, kunnen ook bepaalde waarden veranderen. Ingrijpende veranderingen kunnen iemand er ook toe brengen om nieuwe waarden te formuleren om een nieuw houvast te vinden.

Waarden zijn ook cultuurbepalend, maar ook afkomstig uit opvoeding. Waarden worden in je opvoeding gevormd met de beste bedoelingen maar de vraag is of ze ook jouw waarden zijn. Waarden zijn te verdelen in intrinsieke en extrinsieke waarden. 

Intrinsieke waarden zeggen iets over je behoeftes in het leven. Je kunt je de volgende vraag stellen “Ik heb behoefte aan” en een keuze maken uit: 

Balans – Betrokkenheid – Continuïteit – Discretie – Duurzaamheid – Degelijkheid – Geborgenheid – Harmonie – IJver – Nut/zingeving – Nauwkeurigheid – Orde – Overzichtelijkheid – Routine – Structuur – Samenwerking – Rust/stabiliteit – Trouw – Verbinding – Zuinigheid. 

Als je een keuze hebt gemaakt uit bovenstaande intrinsieke waarden beoordeel dan eens hoe het in je huidige (werk)leven is gesteld met deze waarden, desnoods met een cijfer (1-10) en ontdek waar leerpunten liggen.

Extrinsieke waarden zeggen iets over de drijfveren/motivatoren van iemand in termen van zich manifesteren.Je kunt je de volgende vraag stellen “Mijn drijfveren zijn” en een keuze maken uit: 

Autoriteit – Afwisseling – Bezieling – Competitie – Creativiteit – Exclusiviteit – Faam – Gezag – Improvisatie – Invloed – Leiderschap – Lef – Nieuwsgierigheid – Persoonlijke ontwikkeling – Originaliteit – Passie – Perfectie – Schoonheid – Spiritualiteit – Status – Succes – Uitdaging – Vooruitgang – Verandering – Vastberaden – Vernieuwing – Verwondering – Zelfontplooiing – Zeggenschap.

Ook hier kun je, nadat je een keuze hebt gemaakt beoordelen hoe het in je huidige (werk)leven is gesteld met deze waarden en leerpunten formuleren. 

3. Innerlijke vrijheid 

Innerlijke vrijheid zijn die waarden die het mogelijk maken om te zijn en te worden. Het is van het grootste belang om hieraan aandacht te besteden. Ze zijn bepalend voor je zijn en je worden. Immers als je niet beschikt over innerlijke vrijheid is je handelingsruimte om te doen wat je wilt nihil. Innerlijke vrijheid kan verkregen worden door je belemmeringen te overwinnen in termen van: oude paradigma’s los laten en te handelen op basis van ratio en niet te laten meeslepen door emotie. Daarvoor is nodig zelfkennis en zelfreflectie. Innerlijke vrijheid heb je als onderstaande, met elkaar verband houdende, termen op jou van toepassing zijn:

Autonomie: je kunt zelfstandig denken en handelen omdat je beschikt over:

  1. Eigenheid: een eigen (levens)visie, een eigen mening;
  2. Flexibiliteit: je kunt je gemakkelijk aanpassen;
  3. Ongebondenheid: je zit niet vast aan verplichtingen of levensovertuigingen;
  4. Ruimdenkendheid: je hebt ruime opvattingen;
  5. Zelfsturing: je staat achter het stuur van je leven en bepaald de koers.

Beoordeel per genoemde term hoe bij jou deze vorm van innerlijke vrijheid aanwezig is. (vb. doe ik aan zelfsturing, ben ik autonoom, enz.) 

Tot slot

Het is goed om de resultaten met iemand in je naaste omgeving te bespreken. Het scherpt je keuze.

Maar het belangrijkste is HANDELEN. Zelfonderzoek zonder een actielijst is wellicht leuk maar zinloos.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>